SPOORWEGMUSEUM UTRECHT: AANRADER
Normaal gesproken ga ik weinig naar musea, eigenlijk alleen naar fototentoonstellingen en af en toe naar het Stedelijk, hoewel dat ook al weer bijna een jaar geleden is denk ik.
En naar het spoorwegmuseum in Utrecht: geen haar op mijn hoofd zou er aan denken. Maar toen ik foto’s zag die een vriend daar gemaakt had werd ik plotseling heeeel enthousiast. Toen ik het Jan voorstelde als wekelijks foto-uitje was hij daar meteen vóór: daar had hij dus juist altijd al eens naar toe willen gaan!!! Hij is dol op oude treinen, en vooral op de hondenkop, uit nostalgische overwegingen.
Hij had uitgevogeld dat je vanuit C.S. Utrecht met de trein naar station Maliebaan kon: dat bleek een erg vreemd traject: meer dan een kwartier met de trein voor een stukje dat je in die tijd ook lopend kon hebben gedaan. Eerst reed hij de stad uit richting Zuilen, en na een stop, en nadat daar de machinist ons gepasseerd was om de bestuurdersplaats aan het andere einde van de trein in te nemen, reden we de stad weer in om bij de Maliebaan uit te komen. Station Maliebaan bleek de enige stop en eindstation.
Aan de tegenoverliggende zijde van het perron stonden al oude treinen en de ingang van het museum was aan het einde van het perron. In de trein zaten nog twee andere mensen, verder was hij leeg. En het was een trein van 100 meter lang, echt onbegrijpelijk. Toen we daar de machinist naar vroegen zei hij dat aan het eind van de middag vaak mensen tegelijk weg gaan en daarvoor die lange trein bedoeld was. Maar als alle bezoekers die er waren toen wij daar rondliepen tegelijkertijd weg zouden gaan zou de trein nog niet voor een kwart gevuld zijn geweest.
Het was fantastisch. De oude treinen, met b.v. de asbakken aan het einde van de leuningen en de sigarettenreclames, de kartonnen treinkaartjes, de stoomlocomotieven, de derde klas wagons met houten banken, en de héle chique eerste klas, de primitieve telefoons etc. etc. Maar het meest indrukwekkend en fotogeniek was wel het Engelse dorp dat “nagebouwd” was en waar de eerste Nederlandse locomotief, de Arend, was gemaakt. Je waande je op een filmset, heel surrealistisch. Er werd gesuggereerd dat je je ver onder de grond bevond doordat je eerst in een “lift” moest die trilde en waarbij de verdiepingen werden afgeteld. Maar dat was natuurlijk nep en aan het einde van het dorp bleek je dan ook gewoon bgg uit te komen.
Nooit gedacht dat het zó leuk was. En de spinazie-soep was ook al heerlijk, echt een aanrader dit museum.
Groet
René

























